Chirurgie
TAMIS Transanale Minimaal Invasieve Chirurgie
Inleiding
Binnenkort ondergaat u een TAMIS-operatie. Deze folder geeft u informatie over deze operatie, de voorbereiding en de nazorg. Het is goed u te realiseren dat voor u de situatie anders kan zijn dan in deze folder is beschreven. Deze folder geeft niet meer dan een algemeen overzicht en is dus niet volledig. Ook komt deze beschrijving niet in de plaats van een gesprek met uw arts. Deze zal steeds bereid zijn u een en ander uit te leggen en op uw vragen in te gaan.
Wat is TAMIS?
Transanale Minimaal Invasieve Chirurgie (TAMIS) is een operatietechniek waarbij een afwijking in het laatste gedeelte van de dikke darm (endeldarm) met een kijkoperatie verwijderd wordt. Omdat de kijkoperatie via een natuurlijke opening (de anus) wordt uitgevoerd, is het niet nodig een uitwendige wond te maken.
Waarom een operatie?
Deze operatietechniek wordt toegepast bij goedaardige gezwellen (poliepen) van de endeldarm die niet tijdens de endoscopie konden worden verwijderd. Soms komt ook een kwaadaardige tumor in een vroeg stadium in aanmerking voor deze procedure. De tumor is dan nog niet door de darmwand heen gegroeid en er zijn geen aanwijzingen voor uitzaaiingen in de lymfeklieren.
Bij de TAMIS-procedure wordt het afwijkende weefsel samen met een deel van de wand van de endeldarm verwijderd. Het weefsel eromheen, waarin de lymfeklieren zich bevinden, wordt niet verwijderd.
Wanneer is TAMIS mogelijk?
Een TAMIS kan alleen gedaan worden als het gezwel in de endeldarm binnen een paar centimeter van de anus ligt. Bij een gezwel dat pal achter de anus ligt, is de kijkbuis niet nodig. Als een gezwel wat verderop in de darm ligt, lukt het niet om de afwijking met de TAMIS-apparatuur te bereiken. Dan zal er een (laparoscopische) buikoperatie moeten worden uitgevoerd.
Voorbereiding op de operatie
Het is van belang dat u zich goed voorbereidt op de operatie. Wij adviseren u om uw partner en/of een familielid mee te nemen naar de voorbereidende gesprekken. In de herstelperiode na de operatie kunnen zij u dan gericht ondersteunen.
Nadat het behandelplan met u is besproken, krijgt u van uw casemanager te horen wanneer de operatie plaats zal vinden. Zij/hij maakt voor u ook de afspraak voor het preoperatieve spreekuur.
Voorbereidend gesprek met uw specialist
Samen met uw specialist beslist u of u geopereerd zult worden. Tijdens dit informatiegesprek kunt u vragen stellen over het behandelplan, de operatie of nazorg. Wellicht heeft u nog aanvullende vragen over deze folder. Het kan helpen als u de vragen van tevoren opschrijft.
Voorbereiding anesthesie
Om uw operatie goed voor te bereiden is het belangrijk dat u de vragenlijst over uw gezondheid invult via MijnGHZ. In mijnGHZ leest u informatie over bijvoorbeeld narcose of een ruggeprik. Een aparte afspraak met een anesthesioloog is meestal niet nodig.
Op de dag van operatie moet u nuchter blijven; volg hierbij de instructies die u heeft gekregen van de anesthesioloog.
Opname
U wordt op de dag van de operatie opgenomen. Als u zich bij de balie meldt, dan brengen wij u naar de afdeling.
De operatiedag
Vlak voor uw operatie doen we deze voorbereidingen:
- U krijgt een operatiejas;
- We vragen u make-up, sieraden (ook piercings), contactlenzen en gebitsprotheses te verwijderen;
- Heeft u kunstnagels? Dan verwijdert u 1 nagel per hand: wijs-, middel- of ringvinger;
- Ook vragen we u naar het toilet te gaan om helemaal uit te plassen.
Dan rijden we u in uw bed naar de voorbereidingsruimte van de operatieafdeling. Daar ontmoet u de anesthesioloog die u onder narcose brengt. Voor vocht- en medicijntoediening krijgt u een infuus: een dun slangetje in een bloedvat.
De operatie
Een chirurg doet de operatie. Is deze nog in opleiding? Dan gebeurt dit onder leiding van een ervaren chirurg. Er is altijd een team van gespecialiseerde verpleegkundigen en andere medewerkers aanwezig om de chirurg te helpen. De operatie vindt altijd onder narcose plaats. De duur van de operatie hangt af van de grootte van de tumor en kan variëren van dertig minuten tot drie uur.
Een enkele keer blijkt tijdens de ingreep dat het niet mogelijk is de afwijking via TAMIS te verwijderen. Er wordt dan alsnog een buikoperatie uitgevoerd. Deze buikoperatie zal op een ander moment plaatsvinden, wat betekent dat u een tweede keer geopereerd moet worden.
Na de operatie
Na de operatie wordt u wakker op de uitslaapkamer. Doen we de operatie buiten kantoortijden? Dan wordt u wakker op de Intensive Care. Bent u weer stabiel? Dan mag u naar de verpleegafdeling.
Er zitten mogelijk slangetjes aan uw lichaam. Deze halen we snel weg, afhankelijk van uw herstel. Het gaat om een:
- Infuus
Deze brengen we via een naald (in een ader van) uw arm. Zo krijgt u vocht en medicijnen;
- Zuurstofslang
Via een slangetje in uw neus krijgt u extra zuurstof.
Terug op de verpleegafdeling
- Controle De verpleegkundige controleert u regelmatig. Denk aan metingen van uw temperatuur, bloeddruk, pols en zuurstof in uw bloed. Ook checkt deze of u heeft geplast.
- Eten en drinken Na uw operatie mag u meestal direct drinken. Gaat dat goed? Dan mag u ook eten. Als u genoeg drinkt, halen we het infuus weg.
- Medicatie Als pijnstilling krijgt u 4 keer per dagen vaste tijden 2 tabletten paracetamol van 500mg. Zo nodig krijgt u nog andere pijnstilling. Nog steeds pijn? Zeg dit tegen de verpleegkundige. Verder krijgt u medicijn tegen misselijkheid. Zolang u in het ziekenhuis ligt, krijgt u elke avond een injectie met Fragmin. Dit voorkomt trombose. Zat bij uw operatie pus in uw buik? Dan krijgt u 3 tot 5 dagen lang antibiotica via het infuus.
Naar huis
In de meeste gevallen gaat u op de dag van de operatie weer naar huis. Voordat u naar huis gaat, hebben wij voor u al een controleafspraak op de polikliniek gemaakt. U krijgt zo nodig een recept voor medicijnen mee.
Tips voor thuis na de operatie
Uw lichaam heeft tijd nodig om verder te herstellen. Dit adviseren wij:
- Heeft u pijn? Gebruik dan pijnstilling volgens afspraak.
- Blijf bewegen, maar overbelast niet. Luister daarom goed naar de signalen die uw lichaam geeft. U merkt zelf wat wel en niet kan.
- Leef gezond: rook niet, beweeg voldoende en neem uw medicatie in.
- U mag alles eten en drinken
- U mag wandelen. Belangrijk is dat activiteiten geen pijn doen en dat uw lichamelijke conditie het toelaat.
Zo verkleint u de kans op complicaties
- Fysieke inspanning
Tillen of huishoudelijke taken? Dit mag als u denkt dat u dit weer kunt. U mag ook beginnen met fitness. - Alcohol
Liever niet. - Verkeer
Rijd geen auto op de dag van uw operatie. Daarna mag u weer autorijden wanneer u het gevoel heeft dat u dat weer kunt. - Wondverzorging
De hechtingen zijn oplosbaar. - Douchen en in bad
U mag thuis gewoon weer douchen of kort in bad gaan. - Fietsen
Dit hangt af van uw klachten. Denkt u dat u weer kunt fietsen? Dan mag dat. - Werken
Dit hangt af van uw klachten. Denkt u weer te kunnen werken? Dan mag dat.
Mogelijke complicaties
Geen enkele operatie is zonder risico's. Ook bij deze operatie kan een aantal complicaties optreden. Bijvoorbeeld een nabloeding, ontsteking of perforatie. Een perforatie is een gaatje in de darmwand waardoor de inhoud van de darm in de buikholte lekt. Van een perforatie kan ook sprake zijn als de inwendige hechting van de darm niet goed geneest.
Hoewel het zeer weinig voorkomt, kan het als gevolg van een ontsteking of slechte genezing nodig zijn een stoma (kunstmatige uitgang) aan te leggen. Dit is dan meestal een tijdelijk stoma.
Verder kunt u kort na de operatie wat pijnklachten aan de anus hebben. Daarnaast verliest u de eerste twee weken mogelijk bloed bij de ontlasting. Dit is afkomstig van de inwendige wond.
Ten slotte kunt u de ontlasting en met name winden de eerste tijd wat minder makkelijk ophouden. Meestal is dit na enkele weken tot maanden voorbij.
Bel de eerste 30 dagen na de operatie direct het ziekenhuis als u:
- Koorts heeft boven 38,5 graden
- Een wond heeft die roder, warmer en dikker wordt, een vieze geur heeft of meer pijn doet of waar pus uitkomt.
- Been rood, dik, gezwollen of pijnlijk wordt
- Plotseling veel moeilijker gaat ademhalen.
Telefoonnummers:
- Behandelend specialist: (0182) 50 58 78 (maandag tot en met vrijdag, 8.30 – 11.00 uur en 13.30 – 15.30 uur)
- Spoedeisende Hulp: (0182) 50 53 27 (buiten polikliniek openingstijden en bij acute problemen)
De verantwoordelijke chirurg
…………………………………..
heeft u geopereerd.
Algemene informatie over het GHZ
Voor informatie over het ziekenhuis kijkt u op www.ghz.nl . Of bel naar 0182-50 50 50.
Heeft u nog vragen? Belt u dan gerust naar de polikliniek assistent Chirurgie: (0182) 50 58 78 (maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 11.00 uur, en 13.30 tot 15.30 uur).
Disclaimer
De informatie op deze pagina is algemeen en geen behandeladvies. Volg altijd de afspraken die u met uw zorgverlener maakt. Vertalingen zijn gemaakt met vertaalsoftware en kunnen fouten bevatten. Het Groene Hart Ziekenhuis is niet aansprakelijk voor schade door mogelijke onjuistheden in deze informatie. Lees hier1 onze uitgebreide disclaimer.
Groene Hart Ziekenhuis, Locatie Gouda
Bleulandweg 10
2803 HH Gouda
0182 - 50 50 50
www.ghz.nl2
Linkjes
- https://www.ghz.nl/disclaimer/
- https://www.ghz.nl