Inleiding
Uw behandelend arts heeft samen met u besloten u te behandelen door middel van zenuwstimulatie. In deze folder krijgt u meer informatie over zenuwstimulatie en het verloop van de behandeling. Deze informatie is een aanvulling op het gesprek met uw specialist of de verpleegkundige.
Zenuwstimulatie
Een groep van zenuwen in de onderrug (de sacrale zenuwen), regelen de functies van de blaas, darmen, anus en bekkenbodem. Door de zenuwen te stimuleren met zwakke elektrische stroompulsen (neurostimulatie), is het mogelijk deze functies te verbeteren. Hierdoor kunnen klachten van ongewild verlies van ontlasting (incontinentie) of buikpijnklachten bij het niet kwijt kunnen raken van de ontlasting (obstipatie), verminderen.
Hoe werkt TTNS
TTNS staat voor Transcutane Tibial Nerve Stimulation, wat betekent dat de tibiale zenuw gestimuleerd wordt met behulp van zwakke elektrische stroompulsen. De zenuw loopt vanuit het ruggenmerg in de onderrug, via de achterkant van het been, tot onderaan de voet en tenen.
Om de zenuw te stimuleren wordt er één plakker (elektrode) onder de voet en één net boven de enkel geplaats. Deze worden via een kabeltje verbonden aan een apparaat (de stimulator). De stimulator geeft zwakke stroompulsen door de plakker, via de huid, langs de tibiale zenuwbaan naar het ruggenmerg. Door de tibiale zenuw te stimuleren is het mogelijk om de sacrale zenuwen te beïnvloeden, die zorgen voor de werking en controle van (onder andere) de darmen en blaas.
De behandeling
De stimulatie wordt twee tot vier keer per week gedurende dertig minuten toegepast. U voert de behandeling zelf thuis uit.
Na de eerste 2 maanden volgt een telefonisch gesprek om het resultaat te bespreken. Wanneer er voldoende resultaat is, kan de behandeling worden voortgezet.
Omdat TTNS langzaam de signalen wijzigt die kunnen leiden tot controle over de darmen en blaas, kan het een aantal weken duren voordat de klachten minder worden.
De behandeling is niet genezend, maar kan zorgen voor minder klachten.
Bijwerkingen
Een PTNS behandeling is een veilige behandeling; complicaties zijn hierbij niet bekend.
Gebruikershandleiding stimulator
De plakkers (elektroden) worden op de huid geplakt en door middel van de bijgeleverde kabels met de stimulator verbonden.
Elke kabel heeft een rood en een zwart stekkertje. Het maakt niet uit welke kleur op welke elektrode aangesloten wordt.
U krijgt van de verpleegkundige uitleg over de bediening van de stimulator. U mag niet zelf een ander programma kiezen, omdat de werking hiervan anders is en het effect dan uit kan blijven.
De stroomsterkte moet zodanig worden opgehoogd dat de stimulatie goed voelbaar is, maar niet pijnlijk of hinderlijk. Wanneer u de stimulatie maar nét voelt - een soort kriebel – kan het minder goed werken.
Het apparaat
Het apparaat wordt geleverd met:
- 2 sets elektroden (plakkers);
- 2 sets kabels;
- 1 9V oplaadbare batterij;
- Adapter oplader batterij;
- Instructieboekje.
De elektroden (plakkers) kunnen meerdere keren gebruikt worden.
Let op:
- Elektroden mogen alleen op een niet beschadigde huid geplakt worden.
- Wanneer de elektroden snel loslaten kan de plak laag licht natgemaakt worden.
- Het apparaat, de snoertjes en de elektroden mogen niet in aanraking komen met water.
Voor start behandeling
- Sluit de elektroden aan op de bijbehorende kabels.
- Zorg dat u geen crème/bodylotion of iets dergelijks op de huid smeert waar de elektroden geplakt gaan worden.
- Plak vóór gebruik de elektroden op de huid. Eén midden onder de voet, de ander aan de binnenkant net boven de enkel.
- Sluit de kabels aan op het apparaat.
Start behandeling
Om te beginnen met de behandeling houdt u de aan/uitknop even ingedrukt tot het scherm aangaat. Dan kunt u met de pijltjesknop naar boven de stimulatie ophogen tot het gewenste gevoel.
Als de gewenste stimulatie is bereikt, gaan de 30 minuten automatisch aftellen.
Er kan niet van tevoren gezegd worden hoe hoog de stroomsterkte opgehoogd moet worden. Het kan namelijk per keer verschillen wat voor u prettig is.
Het is normaal dat u de stimulatie na enige tijd minder voelt. Dit komt omdat u eraan wendt. U mag dan de stroomsterkte weer ophogen.
Als de 30 minuten voorbij zijn stopt het stimuleren automatisch en kan de stimulator uitgeschakeld worden. Dit doet u door de aan/uit knop even ingedrukt te houden. Haal de elektroden van de huid en maak de kabels los van de elektroden en het apparaat.
Vragen
Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u contact opnemen met het Defecatie Expertise Centrum (DEC). Wij zijn b ereikbaar op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag van 12.30-14.00 uur op telefoonnummer: (0182) 50 54 90.
Of via de mail: dec@ghz.nl.
Meer informatie defecatiespreekuur
Meer informatie over het defecatiespreekuur vindt u op onze website:
www.ghz.nl/specialismen/defecatiespreekuur
Algemene informatie over het GHZ
Meer informatie over het ziekenhuis vindt u op onze website: www.ghz.nl .
Ook kunt u bellen naar het algemene informatienummer: (0182) 50 50 50.
Adres
Groene Hart Ziekenhuis, locatie Gouda
Bleulandweg 10
2803 HH Gouda
www.ghz.nl
Disclaimer
De informatie op deze pagina is algemeen en geen behandeladvies. Volg altijd de afspraken die u met uw zorgverlener maakt. Vertalingen zijn gemaakt met vertaalsoftware en kunnen fouten bevatten. Het Groene Hart Ziekenhuis is niet aansprakelijk voor schade door mogelijke onjuistheden in deze informatie. Lees hier1 onze uitgebreide disclaimer.
Groene Hart Ziekenhuis, Locatie Gouda
Bleulandweg 10
2803 HH Gouda
0182 - 50 50 50
www.ghz.nl2
Linkjes
- https://www.ghz.nl/disclaimer/
- https://www.ghz.nl