Onderzoek Van De Galwegen En Of Alvleesklier

Inleiding

Uw behandelend arts heeft u verteld dat hij/zij een onderzoek van de galwegen en/of alvleesklier (ERCP) bij u wil doen. Deze folder geeft u uitleg over dit onderzoek, en is een aanvulling op het gesprek met uw arts.

Doel van het onderzoek

Een ERCP is een afkorting voor 'Endoscopische Retrograde Cholangio- en Pancreaticografie'. Dit betekent: kijkonderzoek van de galwegen en de afvoergang van de alvleesklier. Het onderzoek gebeurt met behulp van een endoscoop. Dit is een dunne, flexibele slang met een lens en een lampje. De scoop heeft een doorsnede van ruim 1 cm.

Een ERCP wordt gedaan om afwijkingen aan de galwegen en/of alvleesklier op te sporen.

Daarnaast kunnen tijdens dit onderzoek kleine ingrepen worden gedaan zoals:

  • Verwijderen van galstenen uit de galwegen (niet uit galblaas!);
  • Wegnemen van een stukje weefsel voor nader onderzoek;
  • Opheffen van een vernauwing in de galwegen door een buisje in te brengen (endoprothese).

Wat neemt u mee?

Als u nog niet geregistreerd staat in ons ziekenhuis, kunt u dit laten doen bij de

Patiëntenregistratie bij de balie van de hoofdingang van ons ziekenhuis.

Wij raden u dringend aan om waardevolle bezittingen en geld thuis te laten.

Het is handig als u een brillenkoker meeneemt als u een bril draagt, een gebittenbakje indien nodig of een bakje voor uw gehoorapparaat mocht u deze hebben en uitdoen.

Medicijnen

  • Als u bloedverdunnende medicijnen gebruikt, dan is met u besproken of u deze medicijnen wel of niet kunt blijven innemen.
  • Gebruikt u Acenocoumarol of Marcoumar? De trombosedienst wordt ingelicht over de afspraken die met u gemaakt zijn over het gebruik van de bloedverdunners. Voor het onderzoek dient de stollingswaarde bekend te zijn. Laat op de dag van het onderzoek drie uur voor het onderzoek bloedprikken bij de afdeling Bloedafname (route 27). Deze afspraak wordt voor u gemaakt. Neem de labformulieren mee als u bloed gaat prikken.
  • Gebruikt u nog andere medicijnen, dan heeft uw arts met u besproken hoe u deze toch kunt blijven innemen.
  • Als u allergisch bent voor bepaalde medicijnen, moet u dit uw arts melden.
  • Als u diabetes mellitus heeft en hiervoor medicatie (tabletten en/of insuline) gebruikt dan is met u besproken of u deze medicijnen wel, aangepast of niet kunt blijven innemen. Als u insuline gebruikt neemt u altijd uw insuline en glucose-meetapparatuur mee naar het ziekenhuis.

Let op:

  • Heeft u een pacemaker of ICD, meldt dit dan aan uw arts.
  • Bent u bloeddonor? Vanwege het onderzoek kan het zijn dat u bepaalde tijd geen bloed mag geven. De bloedbank kan u daar verder over informeren.

Voorbereiding voor het onderzoek

Eten en drinken op de dag van het onderzoek.

  • Tot 6 uur voor het onderzoek, mag u nog eten of drinken.
  • Vanaf 6 uur tot 2 uur voor het onderzoek, mag u alléén nog de volgende dranken drinken: water, thee, appelsap of aanmaaklimonade (heldere vloeistof zonder prik). Drink beslist geen sinaasappelsap, koffie of melk.
  • Vanaf 2 uur voor de opname tot aan het moment van het onderzoek mag u alleen een slokje water nemen als u medicijnen in moet nemen.

Als u zich niet aan bovenstaande richtlijnen houdt, kan het onderzoek helaas niet doorgaan.

Na een ERCP blijft u nog vier uur op de verpleegafdeling ter observatie. Wanneer er geen bijzonderheden zijn, mag u daarna naar huis. Neem wel voor de zekerheid toiletspullen, nachtgoed en dergelijke mee.

Het onderzoek

Als u nog niet bent opgenomen, meldt u zich op de afgesproken tijd bij de afdeling waar u wordt opgenomen. Op de afdeling krijgt u een infuusnaald in uw linker onderarm of hand en krijgt u pijnstilling toegediend.

Vervolgens wordt u met bed naar de onderzoekskamer op de Scopie afdeling gereden. Daar vindt de ERCP plaats door één van de maag-darm-leverartsen, samen met

twee scopieverpleegkundigen en de sedatie praktijk specialist. Het onderzoek vindt plaats met behulp van röntgendoorlichting, om die reden ligt u op een speciaal bed. Tijdens een ERCP zorgt de sedatie praktijk specialist dat u slaapt.

Het is niet toegestaan dat er familie/begeleiding aanwezig is tijdens het onderzoek. Vanwege uw veiligheid volgen wij op de behandelkamer de zogenaamde time-outprocedure. Dit betekent dat er meerdere malen, door verschillende mensen, gevraagd wordt naar uw naam, geboortedatum en voor welk onderzoek u komt.

Als u een gebitsprothese heeft, moet u deze uit doen. U krijgt van de sedatie praktijk specialist een kunststofring tussen uw tanden, ter bescherming van de endoscoop.

U krijgt via het infuus in uw linker onderarm of hand het slaapmiddel toegediend door de sedatie praktijk specialist.

Als u slaapt, brengt de arts via uw mond de endoscoop in de slokdarm. De ERCP-scoop wordt voorzichtig via uw maag doorgeschoven naar de plek waar de galwegen in de twaalfvingerige darm uitkomen.

Via de endoscoop schuift de arts een dun slangetje (katheter) in de galwegen of de afvoergang van de alvleesklier. Vervolgens wordt een contrastmiddel ingespoten om de galwegen of de afvoergang van de alvleesklier zichtbaar te maken op de röntgenfoto’s.

Het kan zijn dat de arts afwijkingen vaststelt die de afvoer van het sap van de gal en/of alvleesklier belemmeren. In dat geval kan de uitgang van de galwegen en alvleesklier worden doorgesneden. Hierdoor ontstaat een grotere uitgang. Dit wordt papillotomie genoemd en is niet pijnlijk.

Eventuele galstenen kunnen naar buiten worden gebracht of er kan een buisje (endoprothese) in de galwegen worden geplaatst.

Zo nodig neemt de arts tijdens het onderzoek een stukje weefsel weg voor onderzoek. Ook dit is niet pijnlijk.

Na het onderzoek

Na het onderzoek gaat u naar de rustkamer van de scopie afdeling. Hier wordt minimaal 30 minuten lang de bloeddruk, hartslag, temperatuur en zuurstofgehalte in de gaten gehouden. Het eerste uur na het onderzoek mag u nog niets eten of drinken. Zijn er geen bijzonderheden, dan mag u na dit uur wat drinken op de verpleegafdeling.

U mag vanaf 2 uur na het onderzoek weer voorzichtig gaan bewegen (mobiliseren).

Heeft u klachten, waarschuwt u dan de verpleegkundige.

Doen zich bij het onderzoek problemen voor, dan bespreekt de arts met u wat er verder gaat gebeuren. Zijn er na het onderzoek geen bijzonderheden, dan mag u het ziekenhuis na vier uur verlaten.

Uitslag

Na het onderzoek bespreekt de maag-darm-leverarts met u de uitkomsten van het onderzoek en de eventuele verdere behandeling. Is er een stukje weefsel weggenomen, dan wordt dit onderzocht in het laboratorium. De uitkomst hiervan krijgt u later van uw behandelend arts te horen.

Mogelijk complicaties

Er bestaan een aantal risico’s (mogelijke problemen) bij het ondergaan van een ERCP:

  • Een luchtweginfectie of een longontsteking kan optreden door verslikking van de maaginhoud. Dit kan gebeuren als iemand nog gegeten of gedronken heeft.
  • Soms raken de alvleesklier of de galwegen ontstoken door het ingespoten contrastmiddel. Deze ontsteking geneest meestal binnen enkele dagen, maar soms kan dit ernstig zijn. Een opname zal dan nodig zijn.
  • Een papillotomie kan bloedingen veroorzaken, deze kunnen meestal tijdens de scopie worden gestopt.
  • Door een papillotomie bestaat er een zeer klein risico op het ontstaan van een gaatje in de darm (perforatie). Als dit optreedt zal opname en een aantal dagen antibiotica noodzakelijk zijn. In ernstige situaties kan een operatie nodig zijn.
  • Te grote galstenen kunnen soms niet in
    1 sessie verwijderd worden. Er zal dan een buisje (endoprothese) in de galwegen worden geplaatst en een tweede sessie gepland worden.
  • Bij 10-15% van de mensen lukt het niet om de katheter in de galweg in te brengen. Meestal wordt dan een tweede poging voor een ERCP ingepland of er wordt een uitwendige drain geplaatst. Heeft u eerder een maagoperatie gehad? Dan is de kans op succes aanmerkelijk kleiner.

Duur van het onderzoek

Het onderzoek zelf duurt ongeveer
60 minuten en vindt plaats op de Scopie afdeling, route 38.

Vragen?

In deze folder hebben we een en ander vertelt over een onderzoek van de galwegen en/of alvleesklier. Heeft u na het lezen van deze folder vragen, stelt u die dan gerust aan de arts of de verpleegkundige. U kunt ook bellen met de afdeling Scopie (van maandag tot en met vrijdag tussen 8.00 en 16.30 uur) op tel.: (0182) 50 50 17.

Algemene informatie over het GHZ

Voor informatie over het ziekenhuis kunt u

terecht op onze website: www.ghz.nl. U kunt ook bellen naar het algemene

telefoonnummer: (0182) 50 50 50.

Tot slot

Het kan voorkomen dat, door onvoorziene omstandigheden (vaak spoedgevallen), het onderzoek later plaatsvindt dan is afgesproken of, als u in ons ziekenhuis bent opgenomen, dat uw afspraak wordt verzet. We hopen dat u hiervoor begrip heeft. Als u uw afspraak niet kunt nakomen, wilt u ons dan tijdig berichten?

Disclaimer

De informatie op deze pagina is algemeen en geen behandeladvies. Volg altijd de afspraken die u met uw zorgverlener maakt. Vertalingen zijn gemaakt met vertaalsoftware en kunnen fouten bevatten. Het Groene Hart Ziekenhuis is niet aansprakelijk voor schade door mogelijke onjuistheden in deze informatie. Lees hier1 onze uitgebreide disclaimer.

Groene Hart Ziekenhuis, Locatie Gouda

Bleulandweg 10
2803 HH Gouda
0182 - 50 50 50
www.ghz.nl2

Linkjes

  1. https://www.ghz.nl/disclaimer/
  2. https://www.ghz.nl