Inbrengen van een katheter via de onderbuik (cystostomiedrain)
Informatie voor klinische en poliklinische patiënten
Inleiding
Binnenkort krijgt u een katheter via uw onderbuik. Dit wordt een ‘cystostomiedrain’ of ‘suprapubische katheter’ genoemd. Met deze folder willen we u informeren over de gang van zaken rond de ingreep, zodat u zich goed kunt voorbereiden.
In het Opnameboekje, dat u bij de polikliniek krijgt, vindt u algemene informatie over ons ziekenhuis.
Wat is een cystostomiedrain?
Een cystostomiedrain is een slangetje (katheter) dat in uw blaas wordt geplaatst (via de buik en boven uw schaambeen). Via dit slangetje verlaat de urine uw lichaam en wordt opgevangen in een zakje.
Opname
U kunt zich melden bij de receptie in de hoofdingang, daarna wordt u begeleidt naar de afdeling.
Een verpleegkundige informeert u daar over de gang van zaken op de afdeling.
Als u medicijnen gebruikt, kunt u die - in de originele verpakking - aan de verpleegkundige geven. Zij vraagt bij u na wie uw contactpersoon is, die zij kan benaderen als dat nodig is. Ook kan zij uw vragen beantwoorden over uw operatie of behandeling.
Voorbereiding
De ingreep vindt soms plaats op de operatieafdeling en soms op de polikliniek.
Als de ingreep plaatsvindt op de operatieafdeling, eet en drinkt u zoals u dat met de anesthesist (narcose-arts) heeft afgesproken.
Vindt de ingreep plaats op de polikliniek dan mag u gewoon eten en drinken. U krijgt dan een plaatselijke verdoving.
De ingreep
Als de ingreep op de operatieafdeling gebeurt, dan krijgt u daar de narcose of een ruggenprik.
Krijgt u de ingreep op de polikliniek, dan krijgt u een prik in uw buik met verdovende vloeistof.
Uw blaas wordt vervolgens met heldere vloeistof gevuld via een slangetje door de plasbuis. Zo kan de arts uw blaas goed voelen. Door een kleine snee van 1 centimeter in uw onderbuik, ongeveer een centimeter boven uw schaambeen, wordt de katheter in uw blaas gebracht. U voelt dat er even hard op uw buik wordt gedrukt.
De ingreep duurt ongeveer 15 minuten.
Na de ingreep
Bent u op de operatieafdeling behandeld, dan gaat u eerst korte tijd naar de uitslaapkamer. De anesthesioloog beoordeelt uw conditie en als die goed is, gaat u terug naar de verpleegafdeling.
Als het nodig is zal de verpleegkundige op de operatiedag regelmatig uw bloeddruk, pols en temperatuur meten. Zij controleert ook het infuus. Dit wordt vaak ‘s middags verwijderd. Tenslotte wordt gekeken of de urine goed wegloopt via de katheter.
Bent u in de polikliniek behandeld dan gaat u direct terug naar de verpleegafdeling. Daar blijft u nog even ter observatie.
In beide gevallen mag u naar huis als u zich goed voelt én als u instructie heeft gehad over:
- de verzorging van het wondje;
- de verzorging van de katheter (zie ook de
folder ‘Suprapubische Katheter’).
Het herstel
U kunt nog wat bloed in uw urine hebben en daarom kan de urine in de zak wat rood gekleurd zijn. Dit is een normaal verschijnsel. U kunt ook wat afscheiding hebben langs de katheter, ook hier hoeft u zich geen zorgen over te maken. Als u zich hierover toch zorgen maakt, bespreekt u dit dan met een verpleegkundige.
Het is belangrijk dat u veel drinkt om uw blaas goed door te spoelen. Probeert u daarom minimaal 2 liter per dag te drinken.
U krijgt regelmatig medicijnen tegen de pijn. Als u toch pijn voelt, geef dit dan door aan de verpleegkundige zodat u eventueel andere medicijnen kunt krijgen.
Het ontslag
Op de dag van de ingreep mag u meestal aan het einde van de middag of begin van de avond weer naar huis (dit noemen we ontslag). Dit is afhankelijk van hoe het met u gaat en hoe snel u leert de katheter zelf te verzorgen.
De verpleegkundige zal uw contactpersoon van uw ontslag op de hoogte stellen als u dit zelf niet kunt. U krijgt eventuele recepten en een controleafspraak voor op de polikliniek mee.
Materiaal
Als u naar huis gaat, krijgt u van het ziekenhuis een startpakket mee. Hierin zitten een aantal been- en nachtzakken. Als u nieuw katheter- materiaal nodig heeft kunt hiervoor bellen met de firma MediReva, telnr. (0800) 0201201. Het kan ook zijn dat u al bekend was bij een andere leverancier, neemt u dan met hen contact op.
U hoeft hiervoor niet te betalen. De firma regelt dit direct met uw verzekering.
Problemen?
Als de urine langs de katheter loopt of via de normale weg, zijn er 5 mogelijke oorzaken:
- De katheter is geknikt.
- De verbindingsslang tussen de katheter en de urine opvangzak ligt dubbel of geknikt.
- De katheter is verstopt door gruis, steen of een bloedstolsel.
- De katheter ligt niet in de blaas.
- U heeft blaaskrampen.
- De katheter is eruit gevallen.
De 2 eerstgenoemde oorzaken kunt u zelf oplossen door de katheter of verbindings-slang in de juiste stand terug te brengen.
Als de katheter eruit is gevallen kan het gaatje dicht gaan. Neem dan met spoed contact op met de poli Urologie telnr. (0182) 50 50 01. Bel buiten kantooruren met de HAP via telnr. (0182) 32 24 88.
In de overige gevallen neemt u contact op met uw huisarts, wijkverpleegkundige of poli Urologie.
Complicaties van de operatie
Bij elke ingreep is er een (kleine) kans op complicaties.
Als u een narcose heeft gekregen, kan daardoor bijvoorbeeld longontsteking of trombose van de aders in de benen voorkomen. Ook kunt u koorts krijgen. Uw arts kan u hier meer over vertellen.
Belangrijk: als u na de ingreep langdurige klachten heeft, veel pijn voelt of koorts boven de 38,5°C meet, neem dan tijdens kantooruren contact op met het spoednummer van de polikliniek Urologie, via het centrale telefoonnummer: (0182) 50 50 50.
Bij acute problemen en na 17.00 uur kunt u ook bellen met de HAP (0182) 32 24 88.
Verhinderd
Als u door ziekte of andere omstandigheden niet kunt komen voor de operatie, geef dit dan zo snel mogelijk door aan het klant contact centrum van de polikliniek Urologie: (0182) 50 50 01. We kunnen dan een andere patiënt helpen.
Vragen over de operatie of behandeling
Misschien hebt u na het lezen van deze folder nog vragen over de operatie. Belt u ons daarvoor gerust, polikliniek Urologie, locatie Gouda, (0182) 50 55 70 van 09.00 uur tot 10.00 uur en van 14.00 uur tot 15.00 uur.
Als u in ons ziekenhuis bent opgenomen, kunt u uw vragen stellen aan de verpleegkundigen van uw afdeling of aan de behandelend arts.
Algemene informatie over het GHZ
Voor informatie over het ziekenhuis kunt u
terecht op onze internetsite: www.ghz.nl.
Ook kunt u bellen naar het algemene informatienummer (0182) 50 50 50.
Disclaimer
De informatie op deze pagina is algemeen en geen behandeladvies. Volg altijd de afspraken die u met uw zorgverlener maakt. Vertalingen zijn gemaakt met vertaalsoftware en kunnen fouten bevatten. Het Groene Hart Ziekenhuis is niet aansprakelijk voor schade door mogelijke onjuistheden in deze informatie. Lees hier1 onze uitgebreide disclaimer.
Groene Hart Ziekenhuis, Locatie Gouda
Bleulandweg 10
2803 HH Gouda
0182 - 50 50 50
www.ghz.nl2
Linkjes
- https://www.ghz.nl/disclaimer/
- https://www.ghz.nl