Inleiding
Deze folder geeft u informatie over een ontsteking bij de anus (einde van de dikke darm). U leest hier wat er voor, tijdens en na de operatie gebeurt. Het is belangrijk om te weten dat de situatie voor u anders kan zijn. Deze folder geeft een algemeen beeld en is niet compleet. Ga altijd in gesprek met uw arts voor meer informatie en om uw vragen te bespreken.
Wat is een abces bij de anus?
Een ontsteking bij de anus heet ook wel: perianaal abces. Bij een ontsteking bij de anus hoopt zich pus op in het weefsel rondom de anus. Het begint als een infectie van de anusklieren, die in het slijmvlies van de anus zitten. De infectie breidt zich vervolgens onderhuids uit naar het gebied rond de anus. Een ontsteking bij de anus komt vooral voor in de leeftijdsgroep van 20 tot 50 jaar en vaker bij mannen dan bij vrouwen. Daarnaast komt het vaker voor bij chronische darm-ontstekingen zoals de ziekte van Crohn.
Wat zijn de klachten
Het weefsel in het gebied van de anus zwelt op en veroorzaakt kloppende pijn. Vaak kan iemand door de pijn niet meer zitten. Ook verschijnselen als koorts, vermoeidheid en pijn over het hele lichaam komen voor.
Diagnose en onderzoek
Op basis van de klachten en het lichamelijk onderzoek, het inspecteren van het abces, is de diagnose te stellen. Aanvullend onderzoek vindt alleen plaats als de arts het vermoeden heeft dat er sprake kan zijn van een onderliggende aandoening of ziekte.
Behandeling
Het is van belang dat de zwelling (door de pus) wordt verminderd. Daarom wordt het abces opengesneden, zodat de pus kan weglopen. De wond wordt opengehouden en regelmatig gespoeld, soms wordt er aanvullend antibiotica gegeven. Als er sprake is van een onderliggende ziekte, wordt die ook behandeld.
Voorbereiding op de operatie
Het is van belang dat u zich goed voorbereidt op de operatie. Wij adviseren u om uw partner en/of een familielid mee te nemen naar de voorbereidende gesprekken. In de herstelperiode na de operatie kunnen zij u dan gericht ondersteunen.
Voorbereidend gesprek met uw specialist
Samen met uw specialist beslist u of u geopereerd zult worden. Tijdens dit Informatiegesprek kunt u vragen stellen over het behandelplan, de operatie of nazorg. Wellicht heeft u nog aanvullende vragen over deze folder. Het kan helpen als u de vragen van tevoren opschrijft.
Voorbereiding anesthesie
Om uw operatie goed voor te bereiden is het belangrijk dat u de vragenlijst over uw gezondheid invult via MijnGHZ. In MijnGHZ leest u informatie over bijvoorbeeld narcose of een ruggeprik. Een aparte afspraak met een anesthesioloog is meestal niet nodig.
Op de dag van operatie moet u nuchter blijven; volg hierbij de instructies die u heeft gekregen van de anesthesioloog.
Veelal moet de operatie acuut worden uitgevoerd. U zult dan vlak voor de operatie de anesthesioloog spreken.
Opname
U wordt op de dag van de operatie opgenomen. Als u zich bij de balie meldt, dan brengen wij u naar de afdeling.
De operatiedag
Vlak voor de operatie treffen de afdelingsverpleegkundigen op de verpleegafdeling nog een aantal voorbereidingen. U krijgt een operatiejas aan. Daarnaast wordt u gevraagd om, indien van toepassing, make-up, sieraden (ook (tong)piercings), contactlenzen, bril en gebitsprothese te verwijderen. Als u kunstnagels heeft, verwijdert u één nagel per hand (van de wijsvinger, middelvinger of de ringvinger).
Tevens wordt u gevraagd om nog een keer naar het toilet te gaan om uit te plassen.
Een verpleegkundige of de medewerker van de vervoersdienst brengt u vervolgens in uw bed naar de voorbereidingsruimte van de operatieafdeling. Daar ontmoet u de anesthesioloog die u onder narcose brengt. Voor vocht- en medicijn toediening krijgt u een infuus; een dun slangetje in een bloedvat.
De operatie
Een chirurg doet de operatie. Is deze nog in opleiding? Dan gebeurt dit onder leiding van een ervaren chirurg. Er is altijd een team van gespecialiseerde verpleegkundigen en andere medewerkers aanwezig om de chirurg te helpen.
Gemiddeld duurt de operatie ongeveer
30 minuten.
Bij de operatie zal de arts het abces open leggen en spoelen. De operatiewond wordt opengelaten en geneest in de komende weken. Er zal meestal na de operatie een gaasje in de wond worden achtergelaten. Deze wordt de volgende dag verwijderd.
Mogelijke complicaties
Geen enkele operatie is zonder risico’s, zo is ook bij deze operatie de normale kans op complicaties aanwezig. De meest voorkomende complicatie is een nabloeding. Een tweede operatie kan dan nodig zijn. De kans op wondinfectie is nauwelijks aanwezig, omdat de wond wordt opengelaten.
Na de operatie
Na de operatie wordt u wakker op de uitslaapkamer. Doen we de operatie buiten kantoortijden? Dan wordt u wakker op de Intensive Care. Bent u weer stabiel? Dan mag u naar de verpleegafdeling.
Er zitten mogelijk slangetjes aan uw lichaam. Deze halen we snel weg, afhankelijk van uw herstel. Het gaat om een:
- Infuus
Deze brengen we via een naald (in een ader van) uw arm. Zo krijgt u vocht en medicijnen.
- Zuurstofslang
Via een slangetje in uw neus krijgt u extra zuurstof.
Terug op de verpleegafdeling
- De verpleegkundige zal regelmatig controles bij u verrichten, zoals metingen van uw temperatuur, bloedruk, pols en zuurstofgehalte in het bloed. De verpleegkundige zal ook controleren of u heeft geplast.
- Eten en drinken: u mag na de operatie meestal direct al wat drinken. Als dat goed gaat, mag u ook weer eten. Als u genoeg drinkt, kan het infuus verwijderd worden.
- Medicatie: als pijnstilling krijgt u vier keer per dag op vaste tijden twee tabletten Paracetamol van 500 mg. Zo nodig krijgt u hierbij nog andere pijnstilling. Als u pijn heeft ondanks de pijnstilling, bespreek dit dan met de verpleegkundige. In de regel krijgt u daarnaast ook een medicijn tegen de misselijkheid. Zolang u in het ziekenhuis ligt krijgt u elke avond een injectie met Fragmin. Dit voorkomt het ontstaan van trombose (bloedstolsel vorming in de bloedvaten).
Wondverzorging:
De wond zal worden opengelaten, en u zult na de operatie ongemak en pijn hebben. Het gaasje dat meestal tijdens de operatie in de wond achter wordt gelaten, zal verwijderd worden voordat u weer naar huis mag.
Een goede manier om de wond af te dekken en vocht op te vangen, is door een inlegkruisje of maandverband in uw onderbroek te plakken.
Spoel het wondgebied met de douche 2 tot 3 keer per dag schoon en na het krijgen van ontlasting.
Na de operatie is het belangrijk dat u de ontlasting zacht houdt. Soms krijgt u daarvoor poeders of een drankje voorgeschreven. Drink minimaal 1,5 liter per dag en eet vezelrijk.
Naar huis
Voordat u naar huis gaat, hebben wij voor u al een controle-afspraak op de polikliniek gemaakt. U krijgt zo nodig een recept voor medicijnen mee. Normaal gesproken mag u op de dag waarop u bent geopereerd weer naar huis.
Adviezen voor thuis
U heeft een operatie ondergaan en uw lichaam heeft even de tijd nodig om te herstellen. Waarschijnlijk heeft u de eerste tijd na de ingreep last van pijn. U mag pijnstilling innemen volgens afspraak. Als u eenmaal thuis bent is het voor uw herstel van belang dat u actief blijft, maar uzelf niet overbelast. Het is daarom raadzaam om goed te luisteren naar de signalen die uw lichaam geeft; dan merkt u vanzelf wat u wel en niet kan. Voorwaarde is dat uw activiteiten geen pijn veroorzaken. Daarnaast is het van belang dat uw lichamelijke conditie de activiteiten toelaat. Er zijn geen dieetadviezen voor na de operatie.
Om de kans op complicaties te beperken adviseren wij u het volgende:
- Fysieke inspanning: Huishoudelijke taken en/of tillen mogen op geleide van de pijn worden uitgevoerd. Dat betekent dat u dit mag doen tot u pijn voelt.
- Alcohol: Liever niet.
- Verkeer: U mag weer autorijden als u denkt dat u dat weer kan.
- Wondverzorging: De wond is open gelaten. Belangrijk is om 2 tot 3 keer per dag de wond onder de douche uit te spoelen en nadat uw ontlasting heeft gehad.
- Douchen en bad: U mag thuis weer gewoon douchen maar niet in bad. Dit mag pas wanneer de wond genezen is.
- Fietsen: Afhankelijk van uw klachten, dus als u zich daartoe in staat acht.
- Werken: Afhankelijk van uw herstel en het soort werk dat u doet, kunt u na verloop van tijd in overleg met uw bedrijfsarts uw werk weer oppakken. Dit kan variëren van enkele dagen tot weken afhankelijk van de grootte van de wond.
Bel de eerste 30 dagen na de operatie direct het ziekenhuis als u:
- Koorts heeft boven 38,5 graden
- Een wond heeft die roder, warmer en dikker wordt, een vieze geur heeft of meer pijn doet of waar pus uitkomt.
- Been rood, dik, gezwollen of pijnlijk wordt
- Plotseling veel moeilijker gaat ademhalen.
Telefoonnummers:
- Behandelend specialist: (0182) 50 58 78 (maandag tot en met vrijdag, 8.30 – 11.00 uur en 13.30 – 15.30 uur)
- Spoedeisende Hulp: (0182) 50 53 27 (buiten polikliniek openingstijden en bij acute problemen)
De verantwoordelijke chirurg
…………………………………..
heeft u geopereerd.
Algemene informatie over het GHZ
Voor informatie over het ziekenhuis kijkt u op www.ghz.nl . Of bel naar (0182) 50 50 50.
Heeft u nog vragen? Belt u dan gerust naar de polikliniek assistent Chirurgie: (0182) 50 58 78 (maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 11.00 uur, en 13.30 tot 15.30 uur).
Disclaimer
De informatie op deze pagina is algemeen en geen behandeladvies. Volg altijd de afspraken die u met uw zorgverlener maakt. Vertalingen zijn gemaakt met vertaalsoftware en kunnen fouten bevatten. Het Groene Hart Ziekenhuis is niet aansprakelijk voor schade door mogelijke onjuistheden in deze informatie. Lees hier onze uitgebreide disclaimer.