Mijn Groene Hart Ziekenhuis

Hier vindt u uw
patiëntenportaal

naar overzicht

Borstvorming Bij De Man

Inleiding Binnenkort ondergaat u een operatie in verband met borstvorming. U leest hier wat er voor, tijdens en na de operatie gebeurt. Het is belangrijk om te weten dat de situatie voor u anders kan zijn. Deze folder geeft een algemeen beeld en is niet compleet. Ga altijd in gesprek met uw arts voor meer informatie en om uw vragen te bespreken.

Waarom een operatie Bij de geboorte hebben zowel meisjes als jongens kleine klierschijfjes achter de tepel. Normaal gesproken verdwijnen deze klierschijven bij jongens in de kindertijd. Bij meisjes zal in de puberteit (onder invloed van hormonen) borstvorming ontstaan. Ook bij jongens komt het regelmatig voor dat in de puberteit de borstklieren opzwellen. Meestal is dat aan beide kanten, maar het kan ook aan één kant gebeuren. Deze vergroting die in de puberteit ontstaat, is meestal van korte duur maar kan ook een paar jaar blijven bestaan.
Bij baby's en in de puberteit kan borstvorming bij jongens dus ‘normaal’ zijn.

Vanaf middelbare leeftijd kan de borstklier bij mannen weer gaan opzwellen. Ook dat kan als onschuldig worden beschouwd. Maar op oudere leeftijd kunnen ook andere factoren een rol spelen bij het ontstaan borstvorming. Deze factoren kunnen zijn:

  • Bijwerking van bepaalde medicijnen;
  • Reactie op stofwisselingsveranderingen bij een lever- of nierziekte;
  • Verandering in de productie van hormonen, bijvoorbeeld een te lage productie door de zaadbal of door stress;
  • Het slikken van hormonen tegen hormoonproducerende gezwellen aan de zaadballen of de luchtwegen;
  • Borstkanker.

Meestal wordt voor borstvorming bij de man echter geen oorzaak gevonden.

Wat zijn de klachten bij borstvorming

Meestal zijn mensen bij het ontdekken van borstvorming bij mannen vooral ongerust.

Er kunnen ook cosmetische bezwaren zijn, dat wil zeggen dat mannen de borstvorming niet bij hun lichaam vinden passen.

Het kan ook hinderlijk zijn, bijvoorbeeld bij het dragen van bretels of van een rugzak. Soms worden pijnklachten aangegeven.

Diagnose en onderzoek

Bij borstvorming bij baby's en in de puberteit doet de arts meestal alleen een lichamelijk onderzoek.

Op oudere leeftijd wordt soms aanvullend onderzoek gedaan. Dat kan een bloedafname zijn om bepaalde stoffen in het bloed te onderzoeken. Of er kan een echografie worden gemaakt van de borstklier, van de zaadballen of van de lever. Soms wordt er een röntgenfoto gemaakt van de borstklier of de longen.
Bij het vermoeden van een kwaadaardige aandoening wordt het weefsel van de borst onderzocht. Er wordt dan met een naaldje in het weefsel geprikt (punctie) om zo cellen te krijgen om deze te kunnen onderzoeken.

Behandeling Als u last van borstvorming heeft, wordt meestal een paar maanden gewacht met behandelen, omdat de borstvorming vanzelf weer kan verdwijnen.

Wordt de borstvorming veroorzaakt door medicijnen, dan zal de arts met u bespreken of u kunt stoppen met het medicijn of een ander medicijn kunt gebruiken.

Als de oorzaak niet duidelijk is, kan afhankelijk van de omstandigheden en de klachten worden besloten tot een operatie. Bij de operatie verwijdert de arts het klierweefsel onder de tepel. Dit gebeurt via een kleine snee onder de tepel. Het weefsel wordt vervolgens in het laboratorium onderzocht.
De operatie duurt ongeveer drie kwartier tot een uur.

Voorbereiding op de operatie

Het is van belang dat u zich goed voorbereidt op de operatie. Wij adviseren u om uw partner en/of familie mee te nemen naar de voorbereidende gesprekken. In de herstelperiode na de operatie kunnen zij u dan gericht ondersteunen.

Voorbereidend gesprek met uw specialist

Samen met uw specialist beslist u of u geopereerd zult worden. Tijdens dit Informatiegesprek kunt u vragen stellen over het behandelplan, de operatie of nazorg. Wellicht heeft u nog aanvullende vragen over deze folder. Het kan helpen als u de vragen van tevoren opschrijft.

Voorbereiding anesthesie

Om uw operatie goed voor te bereiden is het belangrijk dat u de vragenlijst over uw gezondheid invult via MijnGHZ. In mijnGHZ leest u informatie over bijvoorbeeld narcose of een ruggeprik. Een aparte afspraak met een anesthesioloog is meestal niet nodig.

Opname

U wordt op de dag van de operatie opgenomen. Op de dag van opname meldt u zich bij de balie in de centrale hal waarna u naar de afdeling wordt gebracht.

De operatiedag

Vlak voor de operatie treffen de afdelings-verpleegkundigen op de verpleegafdeling nog een aantal voorbereidingen. U krijgt een operatiejas aan. Daarnaast wordt u gevraagd om, indien van toepassing, make-up, sieraden (ook (tong)piercings), contactlenzen, bril en gebitsprothese te verwijderen. Als u kunstnagels heeft, verwijdert u één nagel per hand (van de wijsvinger, middelvinger of de ringvinger).

Tevens wordt u gevraagd om nog een keer naar het toilet te gaan om uit te plassen.

Een verpleegkundige of de medewerker van de vervoersdienst brengt u vervolgens in uw bed naar de voorbereidingsruimte van de operatieafdeling. Daar ontmoet u de anesthesioloog die u onder narcose brengt. Voor vocht- en medicijn toediening krijgt u een infuus; een dun slangetje in een bloedvat.

De operatie

Een chirurg doet de operatie. Is deze nog in opleiding? Dan gebeurt dit onder leiding van een ervaren chirurg. Er is altijd een team van gespecialiseerde verpleegkundigen en andere medewerkers aanwezig om de chirurg te helpen.

Na de operatie

Na de operatie wordt u wakker op de uitslaapkamer. Hier blijft u tot u stabiel genoeg bent om naar de verpleegafdeling terug te gaan. Er zijn mogelijk verschillende slangetjes aan uw lichaam ’gekoppeld’. Deze worden afhankelijk van uw herstel snel verwijderd. Het gaat om een:

  • Infuus: deze wordt via een naald ( in een ader van)uw arm gebracht. Via dit infuus krijgt u vocht en medicijnen toegediend.
  • Zuurstofslang: via een slangetje in uw neus krijgt u extra zuurstof toegediend.

Terug op de verpleegafdeling

1. De verpleegkundige zal regelmatig
controles bij u verrichten, zoals metingen
van uw temperatuur, bloedruk, pols en
zuurstofgehalte in het bloed. De
verpleegkundige zal ook controleren of u
heeft geplast.

2. Eten en drinken: u mag na de operatie
meestal direct al wat drinken. Als dat goed
gaat, mag u ook weer eten. Als u genoeg
drinkt, kan het infuus verwijderd worden.

3. Medicatie: als pijnstilling krijgt u vier keer
per dag op vaste tijden twee tabletten
Paracetamol van 500 mg. Zo nodig krijgt u
hierbij nog andere pijnstilling. Als u pijn heeft
ondanks de pijnstilling, bespreek dit dan
met de verpleegkundige. In de regel krijgt u
daarnaast ook een medicijn tegen de
misselijkheid. Zolang u in het ziekenhuis ligt
krijgt u elke avond een injectie met Fragmin.
Dit voorkomt het ontstaan van trombose
(bloedstolsel vorming in de bloedvaten).

Wondverzorging

De wondjes of wond hebben/heeft geen speciale verzorging nodig. Na 24 uur mag de pleister eraf en kunt u weer douchen. De hechtstrips blijven 2 weken zitten. Op de plaats van het wondgebied kan een verdikking ontstaan. Dit kan enige maanden duren, voordat het wegtrekt. U hoeft zich hier geen zorgen over te maken.

Naar huis

Een verwijderde borstklier wordt meestal voor weefselonderzoek opgestuurd. Bij de poliklinische controle na de operatie is de uitslag meestal bekend. Voordat u naar huis gaat, hebben wij voor u de controle afspraak gemaakt. U krijgt zo nodig een recept voor medicijnen mee.

Adviezen voor thuis

U heeft een operatie ondergaan en uw lichaam heeft tijd nodig om verder te herstellen. Waarschijnlijk hebt u de eerste tijd na de ingreep nog wat pijn. U mag pijnstilling innemen volgens afspraak. Als u eenmaal thuis bent, is het voor uw herstel van belang dat u actief blijft, maar uzelf niet overbelast. Het is daarom belangrijk om goed te luisteren naar de signalen die uw lichaam u geeft; dan merkt u vanzelf wat u wel en wat u niet kunt. Een gezonde levenswijze is heel belangrijk dus; rook absoluut niet, zorg voor voldoende lichaamsbeweging en neem uw medicatie in. Er zijn geen dieetbeperkingen na de operatie. U mag na ontslag uit het ziekenhuis weer wandelen. Voorwaarde is dat activiteiten geen pijn veroorzaken en dat uw lichamelijke conditie het toelaat. Op welk moment u uw werk weer kunt oppakken, is afhankelijk van uw lichamelijke conditie en van het soort werk dat u doet. Bespreek dit met uw bedrijfsarts.

Om de kans op complicaties te beperken adviseren wij u het volgende:

  • Fysieke inspanning: huishoudelijke taken en/of tillen mag u naar vermogen uitvoeren. Starten met fitness is toegestaan.
  • Alcohol: liever niet.
  • Verkeer: Autorijden niet op de dag van uw operatie. Daarna mag u weer autorijden wanneer u het gevoel hebt dat u dat weer kunt.
  • Wondverzorging: de hechtingen zijn oplosbaar. Als u hechtstripjes heeft mogen deze na 2 weken worden verwijderd. De pleisters mogen na 24 uur worden verwijderd.
  • Douchen en in bad: u mag thuis gewoon weer douchen maar niet in bad.
  • Fietsen: afhankelijk van uw klachten, dus als u zich daartoe in staat acht.
  • Werken: of u kunt werken, is afhankelijk van uw klachten. U kunt dus weer gaan werken als u zich daartoe in staat acht.

Mogelijke complicaties Geen enkele operatie is zonder risico’s. Zo is ook bij deze operatie de normale kans op complicaties aanwezig, zoals nabloeding of wondinfectie. Daarnaast zijn er bij deze operatie nog enkele specifieke complicaties mogelijk:

  • Omdat er onder de tepel weefsel wordt verwijderd, kan de tepel na de operatie intrekken.
  • De doorbloeding van de tepel kan in het gedrang komen, u merkt dit doordat de tepel verkleurt. Bel in dat geval uw arts.
  • Er treedt nogal eens gevoelsverandering van de tepel op.
  • Pijn bij bewegen van de armen en stijfheid kan twee weken aanhouden.

Bel de eerste 30 dagen na de operatie direct het ziekenhuis als u:

  • Koorts heeft boven 38,5 graden
  • Een wond heeft die roder, warmer en dikker wordt, een vieze geur heeft of meer pijn doet of waar pus uitkomt.
  • Been rood, dik, gezwollen of pijnlijk wordt
  • Plotseling veel moeilijker gaat ademhalen.

Telefoonnummers:

  • Behandelend specialist: (0182) 50 58 78 (maandag tot en met vrijdag, 8.30 – 11.00 uur en 13.30 – 15.30 uur).
  • Spoedeisende Hulp: (0182) 50 53 27 (buiten polikliniek openingstijden en bij acute problemen).

K os t en

De kos t e n v o o r de behandeling van borstvorming bij de man worden

meestal NIET vergoed door de zorgverzekering.

Algemene informatie over het GHZ

Voor informatie over het ziekenhuis kunt u terecht op onze internetsite: www.ghz.nl.

Ook kunt u bellen naar het algemene informatienummer: (0182) 50 50 50.

Heeft u nog vragen? Belt u dan gerust naar de polikliniek assistent Chirurgie: (0182) 50 58 78 (maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 11.00 uur, en 13.30 tot 15.30 uur).

Disclaimer

De informatie op deze pagina is algemeen en geen behandeladvies. Volg altijd de afspraken die u met uw zorgverlener maakt. Vertalingen zijn gemaakt met vertaalsoftware en kunnen fouten bevatten. Het Groene Hart Ziekenhuis is niet aansprakelijk voor schade door mogelijke onjuistheden in deze informatie. Lees hier onze uitgebreide disclaimer.

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.

GHZ