Inleiding
Binnenkort gaan wij u opereren. U leest hier wat er voor, tijdens en na de operatie gebeurt. Het is belangrijk om te weten dat de situatie voor u anders kan zijn. Deze folder geeft een algemeen beeld en is niet compleet. Ga altijd in gesprek met uw arts voor meer informatie en om uw vragen te bespreken.
Ontstaan en soort breuken
Een breuk (hernia) is een uitstulping van het
buikvlies door een zwakke plek of opening in
de buikwand. De breuk is herkenbaar als een
bult ter plaatse. De zwakke plek of opening in
de buikwand heet de ‘breukpoort’. Deze kan
aangeboren zijn, of zijn ontstaan door
verzwakking van de buikwand. Door te staan, persen of hoesten, wordt de druk in de buik verhoogd, waardoor er buikinhoud in de breukzak kan worden geperst. De breuk
wordt dan groter. Bij een nauwe breukpoort
kan de buikinhoud beklemd raken. Als u klachten heeft, is waarschijnlijk een operatie nodig. Een uitzondering hierop vormen baby’s, bij wie nog een spontaan herstel van de zwakke plek in de buikwand kan optreden.
In deze folder beschrijven we de volgende
breuken:
- Navelbreuk
- Bovenbuikbreuk
- Littekenbreuk
Voor liesbreuken is er een aparte
folder beschikbaar.
De navelbreuk (hernia umbilicalis)
Een navelbreuk kan aangeboren zijn of op
latere leeftijd ontstaan.
De aangeboren navelbreuk
Bij de aangeboren navelbreuk treedt
meestal spontaan herstel op binnen de
eerste drie levensjaren. Er is dan ook geen
sprake van een ernstige aandoening. Beklemming van een navelbreuk op de
kinderleeftijd komt haast niet voor.
Behandeling
Als na drie jaar nog geen spontaan herstel
is opgetreden, kan operatieve therapie
overwogen worden. Bij een operatieve behandeling is alleen het sluiten van de breukpoort voldoende. Deze ingreep gebeurt in dagbehandeling.
De navelbreuk op latere leeftijd
Deze breuk ontstaat door een zwakke plek in de buikwand. Bij zwangerschappen, overgewicht of zwaar lichamelijk werk is de druk in de buik hoger. Daardoor ontstaat er een verhoogde kans op een navelbreuk. De inhoud van de navelbreuk bestaat meestal uit vetweefsel, maar kan bij grotere breuken ook uit een deel van de darmen bestaan. Een navelbreuk hoeft geen klachten te geven. Als er beklemming optreedt, zal er pijn worden ervaren. Als de inhoud bestaat uit vetweefsel, zal dit geen levensbedreigende situatie zijn. Als er darm in de breuk bekneld raakt, is dit wel ernstig.
Behandeling
In principe wordt een navelbreuk bij volwassenen geopereerd, omdat de kans op beklemming reëel is. Het soort operatie is afhankelijk van de grootte van de breukpoort. Een kleine breuk kan behandeld worden door de breukpoort alleen te
sluiten met een hechtdraad maar vaak gaat de voorkeur uit naar een kunststof matje. Bij grotere breuken maken we sowieso gebruik van kunststofmateriaal (een zogenaamde ‘mat’) om de buikwand te verstevigen. Afhankelijk van de grootte van de breukpoort, overgewicht en eerdere operaties, kan de ingreep van voren (open) of met een kijkoperatie (laparoscopisch) worden gedaan. De ingreep wordt doorgaans in dagbehandeling uitgevoerd.
De bovenbuikbreuk (hernia epigastrica)
Ook boven de navel komen breuken voor
door een zwakke plek in de buikwand. Meestal puilt er geen buikinhoud naar buiten, maar alleen vetweefsel. Het kan zijn dat deze breuk geen klachten geeft, maar een enkele keer kan er door beklemming pijn optreden.
Behandeling
Als er klachten zijn, kan een operatie uitkomst
bieden. Hierbij wordt de breukpoort in de
buikwand gesloten. Bij de operatie wordt ook
gelet op het voorkomen van meerdere breuken van hetzelfde type. Deze kunnen dan gelijktijdig worden verholpen. Afhankelijk van het aantal en de grootte van de
breukpoort(en), (over)gewicht en eerdere
operaties, kan de ingreep van voren (open)
of met een kijkoperatie (laparoscopisch)
worden gedaan. Bij een kijkbuisoperatie wordt altijd gebruikgemaakt van een kunststof mat. De ingreep wordt
doorgaans in dagbehandeling uitgevoerd.
De littekenbreuk (hernia cicatricalis)
Wanneer een operatie in de buik heeft plaatsgevonden, blijft er een litteken over in de buikwand. Dit is een zwakke plek en er is reële kans dat de buikinhoud na verloop van tijd gaat uitpuilen. Dit wordt een ‘littekenbreuk’ genoemd. Meestal geeft een dergelijke breuk geen of slechts milde klachten; een enkele keer kan er beklemming optreden.
Behandeling
Bij klachten kan een korset in veel gevallen uitkomst bieden. Bij operatieve correctie wordt er vaak gebruikgemaakt van een kunststof mat. U moet zich ervan bewust zijn dat een operatie voor een littekenbreuk een ingrijpende operatie is en dat er reële kans is dat de breuk weer terugkomt.
Tegenwoordig kan bij een aantal van dit type breuken een operatie worden uitgevoerd met de techniek van een kijkoperatie. Dit houdt in dat de arts met behulp van een videocamera en speciale instrumenten, via kleine sneetjes in de buikwand de breuk sluit met een kunststof mat.
Voorbereiding op de operatie
Het is van belang dat u zich goed voorbereidt op de operatie. Wij adviseren u om uw partner en/of een familielid mee te nemen naar de voorbereidende gesprekken. In de herstelperiode na de operatie kunnen zij u dan gericht ondersteunen.
Voorbereidend gesprek met uw specialist
Samen met uw specialist beslist u of u geopereerd zult worden. Tijdens dit Informatiegesprek kunt u vragen stellen over het behandelplan, de operatie of nazorg. Wellicht heeft u nog aanvullende vragen over deze folder. Het kan helpen als u de vragen van tevoren opschrijft.
Voorbereiding anesthesie
Om uw operatie goed voor te bereiden is het belangrijk dat u de vragenlijst over uw gezondheid invult via MijnGHZ. In mijnGHZ leest u informatie over bijvoorbeeld narcose of een ruggeprik. Een aparte afspraak met een anesthesioloog is meestal niet nodig.
Medicijnen
Neem voor uw gezond- en veiligheid uw medicatieoverzicht mee. Deze kunt u opvragen bij uw apotheek.
Neem ook alle verpakkingen mee van medicijnen die u thuis gebruikt.
Eten en drinken
Op de dag van operatie moet u nuchter blijven. Volg hierbij de instructies die u van de anesthesioloog kreeg.
Opname
U wordt op de dag van de operatie opgenomen. Als u zich bij de balie meldt, dan brengen wij u naar de afdeling.
De operatiedag
Vlak voor uw operatie doen we deze voorbereidingen:
- U krijgt een operatiejas;
- We vragen u make-up, sieraden (ook piercings), contactlenzen en gebitsprotheses te verwijderen;
- Heeft u kunstnagels? Dan verwijdert u 1 nagel per hand: wijs-, middel- of ringvinger;
- Ook vragen we u naar het toilet te gaan om helemaal uit te plassen.
Dan rijden we u in uw bed naar de voorbereidingsruimte van de operatieafdeling. Daar ontmoet u de anesthesioloog die u onder narcose brengt. Voor vocht- en medicijntoediening krijgt u een infuus: een dun slangetje in een bloedvat.
De operatie
Een chirurg doet de operatie. Is deze nog in opleiding? Dan gebeurt dit onder leiding van een ervaren chirurg. Er is altijd een team van gespecialiseerde verpleegkundigen en andere medewerkers aanwezig om de chirurg te helpen.
Bij een kijkoperatie wordt de buik
opgeblazen met kooldioxide (CO2) om ruimte te maken voor de ingreep. Dit is een onschuldig gas. De kooldioxide kan het middenrif prikkelen, met pijn in de schouders tot gevolg. Dit kan enkele dagen aanhouden. Deze klachten verdwijnen vanzelf; u hoeft zich hier dus geen zorgen over te maken. Het kan voorkomen dat de arts tijdens de operatie vaststelt dat het niet mogelijk is de breuk (op een veilige manier) door middel van een kijkoperatie op te heffen. Dan is het nodig om de breuk op open wijze, met een grotere snede, te behandelen.
Na de operatie
Na de operatie wordt u wakker op de uitslaapkamer. Doen we de operatie buiten kantoortijden? Dan wordt u wakker op de Intensive Care. Bent u weer stabiel? Dan mag u naar de verpleegafdeling.
Er zitten mogelijk slangetjes aan uw lichaam. Deze halen we snel weg, afhankelijk van uw herstel. Het gaat om een:
- Infuus
Deze brengen we via een naald (in een ader van) uw arm. Zo krijgt u vocht en medicijnen.
- Zuurstofslang
Via een slangetje in uw neus krijgt u extra zuurstof.
Terug op de verpleegafdeling
- Controle De verpleegkundige controleert u regelmatig. Denk aan metingen van uw temperatuur, bloeddruk, pols en zuurstof in uw bloed. Ook checkt deze of u heeft geplast.
- Eten en drinken Na uw operatie mag u meestal direct drinken. Gaat dat goed? Dan mag u ook eten. Als u genoeg drinkt, halen we het infuus weg.
- Medicatie Als pijnstilling krijgt u 4 keer per dagen vaste tijden 2 tabletten paracetamol van 500mg. Zo nodig krijgt u nog andere pijnstilling. Nog steeds pijn? Zeg dit tegen de verpleegkundige. Verder krijgt u medicijn tegen misselijkheid. Zolang u in het ziekenhuis ligt, krijgt u elke avond een injectie met Fragmin. Dit voorkomt trombose.
Wondverzorging
U hoeft uw wond(jes) niet speciaal te verzorgen. De hechtingen lossen vanzelf op. U mag zich gewoon wassen of douchen. Op de plek van uw wond kan een verdikking ontstaan. U hoeft zich geen zorgen te maken: na een paar maanden verdwijnt deze.
Ontslag: naar huis
Voordat u naar huis gaat, maken wij een controleafspraak in de polikliniek. U krijgt zo nodig een recept voor medicijnen mee.
Tips voor thuis na de operatie
Uw lichaam heeft tijd nodig om verder te herstellen. Dit adviseren wij:
- Heeft u pijn? Gebruik dan pijnstilling volgens afspraak.
- Blijf bewegen, maar overbelast niet. Luister daarom goed naar de signalen die uw lichaam geeft. U merkt zelf wat wel en niet kan.
- Leef gezond: rook niet, beweeg voldoende en neem uw medicatie in
- U mag alles eten en drinken
- U mag wandelen. Belangrijk is dat activiteiten geen pijn doen en dat uw lichamelijke conditie het toelaat
Zo verkleint u de kans op complicaties
- Fysieke inspanning
Tillen of huishoudelijke taken? Dit mag als u denkt dat u dit weer kunt. U mag ook beginnen met fitness. - Alcohol
Liever niet. - Verkeer
Rijd geen auto op de dag van uw operatie. Daarna mag u weer autorijden wanneer u het gevoel heeft dat u dat weer kunt. - Wondverzorging
De hechtingen zijn oplosbaar. Heeft u hechtstripjes? Dan mag u deze na 1 week verwijderen. Pleisters mag u na 48 uur weghalen. - Douchen en in bad
U mag thuis gewoon weer douchen of kort in bad gaan. - Fietsen
Dit hangt af van uw klachten. Denkt u dat u weer kunt fietsen? Dan mag dat. - Werken
Dit hangt af van uw klachten. Denkt u weer te kunnen werken? Dan mag dat.
Mogelijke complicaties
- Zoals bij elke operatie, zijn er ook bij deze operatie risico’s.
Bel de eerste 30 dagen na de operatie direct het ziekenhuis als u:
- Koorts heeft boven 38,5 graden;
- Een wond heeft die roder, warmer en dikker wordt, een vieze geur heeft of meer pijn doet of waar pus uitkomt;
- Been rood, dik, gezwollen of pijnlijk wordt
- Plotseling veel moeilijker gaat ademhalen.
Telefoonnummers:
- Behandelend specialist: (0182) 50 58 78 (maandag tot en met vrijdag, 8.30 – 11.00 uur en 13.30 – 15.30 uur)
- Spoedeisende Hulp: (0182) 50 53 27 (buiten polikliniek openingstijden en bij acute problemen)
De verantwoordelijke chirurg
…………………………………..
heeft u geopereerd.
Algemene informatie over het GHZ
Voor informatie over het ziekenhuis kijkt u op www.ghz.nl . Of bel naar (0182) 50 50 50.
Heeft u nog vragen? Belt u dan gerust naar de polikliniek assistent Chirurgie: (0182) 50 58 78 (maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 11.00 uur, en 13.30 tot 15.30 uur).
Disclaimer
De informatie op deze pagina is algemeen en geen behandeladvies. Volg altijd de afspraken die u met uw zorgverlener maakt. Vertalingen zijn gemaakt met vertaalsoftware en kunnen fouten bevatten. Het Groene Hart Ziekenhuis is niet aansprakelijk voor schade door mogelijke onjuistheden in deze informatie. Lees hier onze uitgebreide disclaimer.