Mijn Groene Hart Ziekenhuis

Hier vindt u uw
patiëntenportaal

naar overzicht

Chait-Katheter

Inleiding

Uw behandelend arts heeft met u gesproken over darmspoelen via een Chait-katheter. In deze folder krijgt u meer informatie over hoe deze geplaatst wordt. Deze informatie is een aanvulling op het gesprek met uw specialist of verpleegkundige.

Een Chait-katheter

Sommige mensen ervaren problemen met hun ontlasting. Darmspoelen kan een goede manier zijn om dit beter onder controle te krijgen. Bij retrograad (tegen de richting in) darmspoelen wordt via de anus water in de darmen ingebracht. De ontlasting spoelt dan samen met het water naar buiten.

Soms levert retrograad darmspoelen te weinig resultaat op en blijven de klachten bestaan. De specialist kan dan samen met u besluiten om te kiezen voor darmspoeling via een Chait-katheter. Een Chait-katheter is een dun, buigzaam siliconen slangetje. Deze wordt via de buikwand in het begin van de dikke darm ingebracht. Via dit dunne buigzame slangetje kan men water in de dikke darm laten lopen. Op deze manier kan er bij het darmspoelen over een Chait-katheter antegraad (met de richting mee) worden gespoeld. Dit betekent dat het water met de stroom van de ontlasting meegaat, van boven naar beneden.

Afbeelding: een Chait-katheter in het begin van de dikke darm.

Plaatsing Chait-katheter

Als u samen met uw specialist hebt besloten een Chait-katheter te laten plaatsen, wordt er eerst een CT-scan van de buik (CT-abdomen) gemaakt. Zo kan de specialist zien hoe de darmen en andere organen in de buik liggen. Is uw behandelend specialist een chirurg, dan wordt u voor aanvullende informatie verwezen naar een maag-, darm-, leverarts (MDL-arts).

De MDL-arts is de specialist die de Chait-katheter zal plaatsen en begeleidt u samen met de continentieverpleegkundige tijdens de nazorg. Omdat de Chait-katheter onder sedatie wordt geplaatst, gaat u voor de plaatsing bij een anesthesist langs. De anesthesist zal goedkeuring moeten geven om de sedatie veilig te kunnen geven.

Als de anesthesist goedkeuring heeft gegeven, kan de Chait-katheter worden geplaatst.

Voordat de ingreep plaatsvindt, wordt u opgenomen op de verpleegafdeling.

Hier verblijft u in totaal één of meerdere nachten. U wordt voorbereid op de ingreep en vervolgens om bij te komen na de ingreep. Hoe lang u op de verpleegafdeling blijft, ligt aan hoe (snel) u van de ingreep herstelt.

De eerste controle is 10-11dagen na de Chait-plaatsing op de polikliniek. Hierna komt een telefonische afspraak. De afspraken voor deze controles worden direct met de afspraak van de Chait-plaatsing gemaakt.

De continentieverpleegkundige begeleidt u bij het darmspoelen. De DEC- verpleegkundige blijft uw aanspreekpunt voor andere vragen over de Chait-katheter.

Voorbereiding

Voor het veilig kunnen plaatsen van de Chait-katheter, moet de darm volledig leeg en schoon zijn. U begint daarom een aantal dagen voor de Chait-plaatsing met een dieet en met laxeren. De MDL-arts maakt voor u een laxeerschema. Bij obstipatieklachten is vaak extra laxeermiddel nodig.

Meestal begint u thuis met laxeren en daarna verder in het ziekenhuis. Verderop in de folder kunt u het laxeerschema vinden welke voor u nodig is.

Ook wordt er naar uw medicatie gebruik gekeken en worden er eventueel aanpassingen gedaan; hierover krijgt u apart bericht.

Medicatie

Als u bepaalde medicijnen gebuikt, kan het voor de Chait-plaatsing nodig zijn dat u tijdelijk stopt of dat u andere medicijnen gebruikt. De specialist heeft hierover afspraken met u gemaakt. Als u deze adviezen niet heeft opgevolgd, moet u dit altijd voor de Chait-plaatsing melden aan de MDL-arts die de ingreep zal doen.

Mocht uw bloedsuiker te laag worden, dan mag u altijd Dextro-tabletten innemen, ook als u niet meer mag eten.

Gebruikt u insuline, neem dan altijd uw insuline en glucosemeetapparatuur mee naar het ziekenhuis.

Werking anticonceptiepil

Tijdens het laxeren kan de anticonceptiepil minder goed werken (zie de bijsluiter).

Bent u bloeddonor?

Vanwege de Chait-plaatsing mag u mogelijk voor een bepaalde tijd geen bloed geven. De bloedbank kan u daar verder over informeren.

Laxeren

Uw darm moet goed leeg en schoon zijn van ontlasting. U hebt een recept van de MDL-arts gekregen voor het laxeermiddel waar u thuis mee gaat beginnen. Het is belangrijk dat u het laxeerschema in deze folder volgt en niet die in de bijsluiter van het laxeermiddel staat. Tijdens de opname gaat u verder met laxeren; de verpleging op de afdeling bespreekt dit met u.

Hieronder staat u hoe u zich moet voorbereiden.

  • Drie dagen voor de plaatsing

Drie dagen voor de plaatsing begint u met een licht verteerbaar dieet. Hieronder leest u wat u dan mag eten. Ook is het belangrijk dat u geen grote porties eet. Vooral de laatste maaltijd voor u begint met laxeren, niet te groot.

  • Twee dagen voor de plaatsing

Twee dagen voor de plaatsing begint u met een licht verteerbaar dieet. Hieronder leest u wat u dan mag eten. Ook is het belangrijk dat u geen grote porties eet. Vooral de laatste maaltijd voor u begint met laxeren, niet te groot.

Voorbeelden van licht verteerbaar voedsel

  • Broodmaaltijd: wit brood (geen volkoren), beschuit, crackers (zonder pitjes of zaden) en geroosterd brood.

Als beleg mag u gebruiken: boter, jonge kaas (geen komijn), smeerkaas (zonder kruiden), jam (zonder pitjes), honing of appelstroop.

Fruit zonder pitjes en zuivelproducten zijn toegestaan.

Let op: chocoladehagelslag, chocoladepasta, pindakaas of kokosbrood zijn niet licht verteerbaar.

  • Warme maaltijd: witte rijst of pasta (geen volkoren), gekookte aardappelen, gekookte groenten (wortelen, witlof, bloemkool, broccoli), tartaar of mager rundergehakt, kip of kalkoen (zonder vel), kabeljauw, tong, koolvis en baars. Geen jus gebruiken.
  • U mag geen: rauwkost, sla of rauwe groenten, peulvruchten, zaden of pitjes, volkoren producten (voorbeelden muesli, kiwi’s, druiven, aardbeien, noten, mais, bonen).

Tijdens het laxeren mag u alleen heldere dranken drinken: Water zonder koolzuur (met of zonder smaak), thee (zonder melk en suiker, als zoetstof mag u gebruiken Candarel en Natrena of Istaslim), bouillon (maar alleen heldere bouillon zonder stukjes), heldere appelsap of dubbelfris.

Dranken die niet zijn toegestaan: troebele of rode vruchtensappen, melk, koffie, koolzuurhoudende dranken of dranken met toegevoegde suikers.

Hieronder staat welk laxeerschema voor u geldt:

  • Picoprep

U maakt de Picoprep als volgt klaar:

  • Vul een glas met koud water.
  • Open de verpakking van de Picoprep.
  • Leeg de inhoud van één zakje in het glas.
  • Roer twee à drie minuten tot de oplossing niet meer bruist.
  • Wanneer de melkachtige oplossing warm wordt, wacht dan tot deze is afgekoeld.
  • Drink het glas in één keer leeg.

De dag vóór de ziekenhuisopname

09.00 uur

2 tabletten Bisacodyl innemen

12.00 uur

U mag niet meer eten

13.00 uur

1 glas Picoprep drinken

13.00 – 15.00 uur

2 liter heldere drank drinken

19.00 uur

1 glas Picoprep drinken

19.00 – 21.00 uur

2 liter heldere drank drinken

Tabel: laxeerschema Picoprep.

  • Moviprep

U maakt de Moviprep als volgt klaar:

  • Open de verpakking van de Moviprep.
  • Open een plastic set met zakje A en zakje B.
  • Leeg zowel zakje A als zakje B in een lege kan en voeg één liter water toe. Roer de oplossing tot het poeder geheel is opgelost. Dit kan vijf minuten duren.
  • Giet de oplossing in een glas.
  • Drink de vloeistof binnen één uur op. Dit kan door bijvoorbeeld iedere tien minuten een glas te drinken, totdat de kan leeg is.

De dag vóór de ziekenhuisopname

08.00 uur

2 tabletten Bisacodyl innemen

11.00 uur

U mag niet meer eten

12.00 – 13.00 uur

1 liter Moviprep drinken

13.00 – 14.00 uur

2 liter heldere drank drinken

18.00 – 19.00 uur

1 liter Moviprep drinken

19.00 – 21.00 uur

1 liter heldere drank drinken

Tabel: laxeerschema Moviprep.

Tips tijdens het laxeren

  • U mag kauwgom gebruiken.
  • U kunt de Moviprep na het aanmaken in de koelkast bewaren.
  • Om de ontlasting goed op gang te brengen, adviseren wij u om regelmatig te (blijven) bewegen.
  • Als u de smaak van het laxeermiddel niet lekker vindt, kunt u een rietje gebruiken bij het drinken.
  • Drink tussendoor ook heldere bouillon.
  • Probeer tijdens het laxeren zo veel mogelijk te blijven drinken van de toegestane heldere dranken.

Plaatsing Chait-katheter

De Chait-katheter wordt op de Scopie-afdeling onder sedatie geplaatst. Sedatie betekend dat uw bewustzijn met behulp van medicatie wordt verlaagd. Zo ervaart u weinig of geen ongemak.

De plaatsing duurt ongeveer 45 minuten. Tijdens de plaatsing mag er geen familie of begeleiding aanwezig zijn.

De sedatie

Het toedienen van de sedatie gaat via een infuusnaald. Deze wordt geprikt in een ader van uw hand of arm. Het geven dan de sedatie wordt gedaan door een Sedatie Praktijk Specialist. De sedatie kan alleen veilig gegeven worden als u de uren voor de plaatsing nuchter (niet eten of drinken) bent. Dit betekent dat u tot twee uur voor de plaatsing mag drinken.

U mag wel alle medicijnen die u normaal gebruikt (of wat met u is afgesproken) op de dag van de plaatsing innemen met een slokje water.

Procedure

U wordt de dag voor de plaatsing van de Chait-katheter opgenomen op de verpleegafdeling om verder te gaan met laxeren.

De dag van het onderzoek wordt u in uw bed naar de Scopie-afdeling gebracht. Daar wordt u aan de bewakingsmonitor aangesloten.

Als u aan de beurt bent, brengt de verpleegkundige u naar de behandelkamer. Daar worden de laatste controles uitgevoerd, waarna de ingreep zal starten.

Tijdens de plaatsing ligt u op de rug. De MDL-arts brengt de endoscoop voorzichtig via de anus in de dikke darm. Wanneer de endoscoop op de juiste plek is ingebracht, kan de Chait-katheter geplaatst worden.

Eerst wordt door middel van hechtingen de darmwand aan de buikwand gehecht, zodat deze aan elkaar kan vastgroeien. Deze hechtingen worden na ongeveer 10-11 dagen verwijderd. Na het vasthechten wordt de Chait-katheter geplaatst. Dankzij een soort krulstaartje aan het einde van het slangetje, zal deze op zijn plek blijven.

Wanneer de plaatsing klaar is, blijft u nog even op de Scopie-afdeling. Hier kunnen we u bewaken. Daarna wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling.

Nazorg

Direct na de Chait-plaatsing en de eerste tijd erna, kunt u behoorlijke pijnklachten hebben. Als u terug bent op de verpleegafdeling, krijgt u hiervoor pijnstilling, zoals morfine. U blijft nog een nacht in het ziekenhuis, ook vanwege pijnklachten. Om het risico op een infectie te beperken, krijgt u ook een antibioticum-kuur.

Er kan vocht lekken langs de Chait-katheter. Het is belangrijk deze plek goed schoon te houden met water (geen zeep).

De continentieverpleegkundige komt de dag na de Chait-plaatsing bij u langs op de verpleegafdeling. De Chait-katheter wordt bekeken. U krijgt uitleg over de verzorging van de Chait-katheter en over hoe u deze moet spoelen.

Weer naar huis (ontslag)

Als u naar huis mag, krijgt u een recept mee voor de antibioticakuur en voor de pijnstilling. U krijgt spullen en uitleg mee naar huis voor het gebruik van de Chait-katheter. Uw darm en buikwand moeten eerst genezen. Na 10-11 dagen komt u op de polikliniek. Tot dan moet u met uw ontlasting omgaan zoals u gewend was vóór de Chait-plaatsing.

U komt op de polikliniek bij de verpleegkundige 10-11 dagen na de plaatsing. Er wordt dan gekeken naar de Chait-katheter en gevraagd naar de pijnklachten. De hechtingen worden verwijderd en zal het darmpoelen via de Chait-katheter worden gestart.

Houd u er rekening mee dat er pijnklachten kunnen zijn tot een aantal maanden na de plaatsing.

Mogelijke complicaties

Tijdens de Chait-plaatsing

Tijdens het plaatsen van een Chait-katheter is er een kleine kans op het ontstaan van complicaties:

  • Een enkele keer kan er tijdens de plaatsing een bloeding ontstaan. Dit kan in de meeste gevallen direct worden gestopt.
  • Een zeer zeldzame complicatie is het ontstaan van een perforatie (gaatje). In sommige gevallen kan dit tijdens de plaatsing worden verholpen, in andere gevallen is een operatie noodzakelijk.
  • Als de darm niet voldoende schoon en leeg is, kan de Chait-plaatsing niet doorgaan. Het risico op complicaties is dan te groot.

Na de Chait-plaatsing

Er kunnen complicaties ontstaan na het plaatsen van een Chait-katheter:

  • Een wondinfectie: de huid rondom de katheter kan (licht) gaan ontsteken. De huid rondom de katheter is dan rood en gezwollen.

Houd de huid droog en schoon. Bij roodheid, zwelling en pijn neemt u contact op.

  • Het komt voor dat er pijn ontstaat rondom of bij de hechtingen. Een enkele keer komt het voor dat de hechtingen eerder verwijderd moeten worden.
  • Het kan zijn dat er zich

littekenweefsel/wildvlees komt bij de insteekplaats. Dit is niet gevaarlijk; u kunt een afspraak maken (of foto’s) om hiernaar te laten kijken.

  • Er kan vocht lekken (darmsappen) langs de Chait-katheter. Darmsappen de huid beschadigen. Het is belangrijk om de huid rondom de insteekplaats van de Chait-katheter goed schoon en droog te houden. U maakt de huid schoon met een gaasje en kraanwater. De huid kunt u behandelen met Sudocrem, Bepanthenzalf of Vaseline. Deze middelen helpen de klachten verminderen.
  • Het per ongeluk eruit trekken of uitvallen van de Chait-katheter; u krijgt materialen mee en uitleg over wat u dan moet doen.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan gerust contact op met het Defecatie Expertise Centrum (DEC). Wij zijn bereikbaar op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag van 12.30 tot 14.00 uur, op telefoonnummer: (0182) 50 54 90.

U kunt ook contact opnemen via de mail: dec@ghz.nl.

Heeft u vragen over het darmspoelen, neemt u dan contact op met de continentieverpleegkundige. Zij zijn bereikbaar op maandag tot en met donderdag op telefoonnummer:

(0182) 50 55 69 (spreekt u eventueel de voicemail in).

U kunt ook contact opnemen via de mail: continentieverpleegkundigen@ghz.nl.

Contact bij complicaties

Heeft u na de Chait-plaatsing complicaties, neem dan contact op met uw behandelend arts of de DEC-verpleegkundige.

Buiten kantoortijden kunt u contact opnemen met de huisartsenpost (HAP) via:

(0182) 32 24 88.

Algemene informatie over het GHZ

Voor informatie over het Groene Hart Ziekenhuis (GHZ) kunt u terecht op: www.ghz.nl.

U kunt ook bellen naar het algemene informatienummer: (0182) 50 50 50.

Adres

Groene Hart Ziekenhuis, locatie Gouda

Bleulandweg 10

2803 HH Gouda

Disclaimer

De informatie op deze pagina is algemeen en geen behandeladvies. Volg altijd de afspraken die u met uw zorgverlener maakt. Vertalingen zijn gemaakt met vertaalsoftware en kunnen fouten bevatten. Het Groene Hart Ziekenhuis is niet aansprakelijk voor schade door mogelijke onjuistheden in deze informatie. Lees hier onze uitgebreide disclaimer.

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.

GHZ